Horecabeleid volgens GBZ - GBZ Acrhief

Gemeente Belangen Zandvoort

Archief

Ga naar de inhoud

Horecabeleid volgens GBZ

Gemeente > Beleidsstukken
Horecabeleid volgens GBZ
Om het document als PDF-bestand te downloaden, klikt u op deze regel

Bestaand horecabeleid Gemeente Zandvoort d.d. 19 september 2009

ALGEMEEN

Horecabeleid is bij uitstek een beleidsterrein waar de burgemeester verantwoordelijk voor is. Het besluit is reeds genomen, niet bekend is of er overleg is geweest met belanghebbenden. 14 januari 2010 wordt er bij de commissie “projecten en thema’s” alleen van gedachten gewisseld” met de commissieleden.

Conclusies:

1) Verscherpte uitgebreidere, gedetailleerder regelgeving.
2) Meer bevoegdheden burgemeester
3) Meer regels
4) Meer willekeur
5) Geen uitvoerings/handhavingsplan.

De noodzaak tot het “verzwaarde” beleid is niet duidelijk, behalve als het gaat om “BIBOB” “Stappenplan” en “beleid voorlopige toestemming”.

Uit de “Leefbaarheidsmonitor 2008″ blijkt:

Dat 88% van de bevolking positief staat ten opzichte van het toerisme.

Dat 74% van de bevolking vindt dat toerisme geen aantasting is van het woongenot.

Dat 70% van de bevolking geen “overlast” ervaart van het toerisme.

Slechts 3% ervaart “overlast”, is het nu nodig en realistisch om naast de Algemene Politie Verordening met 199 bladzijden aan regels nog 35 bladzijden toe te voegen ?? (De “Nota Geluid en Horeca 2002″ – 9 bladzijden – nog niet meegerekend)

Rijksbeleid: Door middel van het “activiteitenbesluit” en de “omgevingsvergunning” regeldruk voor burgers die activiteiten ontplooien te verminderen.

Opvallende punten:

Blz. 1

In het beleid wordt niet weegegeven op welke wijze het toezicht wordt geregeld, m.a.w. er is geen uitvoeringsplan (Bijv. programmatisch handhaven) Dit niet tegelijkertijd te presenteren is geen “good governance”, spelregels met scheids- en lijnrechters wanneer niemand weet wanneer ze fluiten werken niet.

Blz. 3

“In relatie tot andere regelgeving”:

Van bijzonder belang is de koppeling van dit beleid aan het reeds bestaande “Beleid Gemeente Zandvoort Geluid en Horeca” vastgesteld door de raad in februari 2002, deze koppeling wordt nergens gemaakt in het huidige beleid. In het bijzonder ontbreekt de “12 dagen regeling” hierin. Er is geen koppeling gemaakt met het “Gemeentelijk Milieubeleidsplan 2009″ waarin staat dat: “er zijn geluidsbelastingkaarten opgesteld die geluidsbelasting weergeven als gevolg van bedrijfsactiviteiten” en “er is een actieplan opgesteld” De doelgroepen en belanghebbenden weten dus niet waar ze aan toe zijn, dit is in tegenspraak met het huidige beleid wat beoogt “duidelijkheid te scheppen”

(art 1.1. horecasanctiebeleid 2009)
Blz. 5

Aangaande art 3.4 “Discretionaire Bevoegdheid”

“het afwijken van horecasanctiebeleid” In de praktijk is afwijken heel moeilijk omdat de bestuursrechter het “zorgvuldigheidsbeginsel en motiveringsbeginsel” heel zwaar zal laten wegen. voorgesteld wordt om op te nemen dat als er “sprake is van groepsrisico in relatie tot de volksgezondheid” de bevoegdheid uitgeoefend kan worden.


Blz. 10

Wet Milieubeheer,

Art.4.10 Bij overtreding van het activiteitenbesluit moet het horecasanctiebeleid

worden toegepast. Dit houdt in : “er dienen duidelijke aanwijzingen te zijn waaruit blijkt dat er sprake is van bescherming van de openbare orde en/of voorkomen van aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse “. Dit staat in tegenstelling tot de volgende tekst in hetzelfde artikel: “Horecabedrijven die niet de openbare orde verstoren of het woon- en leefklimaat ter plaatse aantasten, kunnen toch beboet of gestraft worden. Hier wordt geen koppeling gemaakt met het Horeca en Geluid beleid 2002, de kans op willekeur is groot. Deze bepaling dient ook naar ons inziens geschrapt te worden. Met betrekking tot willekeur: Bij het hoofdstuk “exploitatievergunning” wordt bepaald dat “een exploitatievergunning kan worden ingetrokken ten gevolge van gewijzigde omstandigheden of inzichten” Het ontbreken van een toetsings – en afwegingskader is ernstig.
Blz. 17

“Verruiming reikwijdte beleid” (toelichting) .

“Horecabedrijven die niet de openbare orde, woon-en leefklimaat aantasten ter plaatse zijn toch onderwerp van het horecasanctiebeleid voorzover het geluid betreft”. en “Deze beleidsregel vereist zorgvuldige afweging” (alinea 3 blz 17)

De zeer subjectieve begrippen:

1) ernst van de overtreding
2) duur van de overtreding
3) praktische uitvoerbaarheid van handhaving
4) gelijkheidsbeginsel
5) “belangen” van derden
6) Algemeen Belang
7) precedentwerking.

Dit afwegingskader is boterzacht en multi-interpretabel, dit kader doet ernstig afbreuk aan de uitlegbaarheid van beleid en de daaropvolgende acties of processen. Het zet de deur ruim open voor:

1) Een zeer persoonlijke afweging van personen in het college.
2) “Maatschappelijke druk” op het college m.b.t. het begrip “overlastbeleving” door bewoners.

Met andere woorden: Zeer weinigen, kunnen over Zeer velen besluiten.
Blz. 25

Bijlage 3 “Voorwaarden Exploitatievergunning” De voorwaarden zijn te uitgebreid en niet handhaafbaar/controleerbaar. Het grootste gedeelte van de voorwaarden handelt over terrassen en bestaat uit 17 regels, dit kan compacter, duidelijker en minder. Toelichting: Volgens het activiteitenbesluit Horeca 2008 van het ministerie van Vrom: “Valt piekgeluid van bezoekersverkeer en stemgeluid niet onder de geluidsnormen dit geldt ook voor terrassen.” Eveneens: ” Onversterkte muziek”.Enige uitzondering hierop zijn “verwarmde terrassen” (art. 2.17 activiteiten besluit Horeca) .

Voorwaarden Ontheffing Sluitingsuur.
Ook deze voorwaarden zijn ons inziens te uitgebreid en niet handhaafbaar.

Toelichting op naar onze mening te gedetailleerde en uitgebreide regelgeving:

De te uitgebreide en gedetailleerde regelgeving nodigt uit om incidenteel te handhaven op meldingen (piep-handhaving) , dit werkt rechtsongelijkheid en onrechtbeleving van betrokkenen in de hand, en is niet meer uit te leggen. Oorzaak is de beperkte menskracht, de lokale overheid zou zich moeten toeleggen op onderwerpen in het horecasanctiebeleid die breed handhaafbaar zijn, transparant zijn, en in relatie tot menskracht en middelen realistisch. Een alternatief zou kunnen zijn: “programmatisch handhaven” ( Info ministerie van Justitie en BZK) Het argument dat enkele ondernemers notoire overtreders zijn, kan geen reden zijn om een hele beroepsgroep op te zadelen met willekeur, verscherpte regelgeving en beperking in hun exploitatiemogelijkheden. De overtreders moeten aangepakt worden, de verantwoordelijkheid verplaatsen naar ondernemers onderling is een onbegaanbare weg, die missen nu eenmaal de bevoegdheden en de middelen.


GBZ dec. 2009
gbz@gbz.nu
Terug naar de inhoud