Wenden en keren - GBZ Acrhief

Gemeente Belangen Zandvoort

Archief

Ga naar de inhoud

Wenden en keren

M-Boulevard
Wenden en keren


Geachte Lezer,

Gelezen hebbende de advertentie van OPZ en gehoord hebbende het radio interview van haar fractievoorzitter C.Simons d.d. 30 december 2006 en de amendementen op het vast te stellen bestemmingsplan d.d. 8 mei 2007, de laatste 6 jaar door VVD en CDA drie maal gemaakte 180 graden politieke gedraai inzake ” herstructurering Middenboulevard” brengen mij tot het volgend feitenrelaas en conclusies.

Na de laatste verkiezingen, heeft het huidige bestuur n.a.v. de standpunten van onderscheiden winnaars van de gemeenteraadsverkiezingen besloten de besluiten inzake MB (juni 2005 en februari 2006) te heroverwegen.

Overwegen betekent “peinzen, denken” . Heroverwegen betekent “opnieuw, peinzen, denken”.

  1. Voor een groot gedeelte van het bestemmingsplan Midden Boulevard geldt geen bestemmingsplan, maar het bouwbesluit/voorbereidingsbesluit.
  2. Het lokaal bestuur is verplicht een bestemmingsplan te maken.
  3. De resterende bestemmingsplannen hebben hun geldigheid verloren.
  4. Het lokaal bestuur 2002-2006 heeft een geldig democratisch besluit m.b.t. het voorontwerp bestemmingsplan, (9 juni 2005, april 2006) genomen.
  5. Heroverwegen en aanpassing (als resultaat hiervan) is ook tot stand gekomen middels een geldig democratisch besluit door het huidige lokale bestuur genomen op 30 okt 2006.
  6. Op 14 december 2006 besluit de Ouderen Partij Zandvoort van de verantwoordelijk wethouder opnieuw te heroverwegen als mede ondersteuner van het op 30 oktober 2006 genomen besluit (180 gr.draai), later (april/mei 2007) gesteund door de VVD.
  7. Heroverweging zoals verwoord in de raadsopdracht is geinterpreteerd door de ouderenpartij als “stopzetten”. Dit is niet gebeurd, toch hebben zij ingestemd op 30 oktober 2006, met het collegevoorstel, incl. amendement.
  8. Er is een langdurig en intensief traject afgelegd van overleg argumentenwisseling en aanpassingen met belanghebbenden en vertegenwoordigers.
  9. Aan de procedures omschreven in de door de gemeenteraad aangenomen participatienota 2005 is aan de gestelde aanbevelingen en eisen ruimschoots voldaan.
  10. Het middenboulevardplan is her-(1999)her-(2002)-her(2003/4)her-(2006)okt overwogen, nu zou het opnieuw heroverwogen moeten worden. Dit kan niet anders leiden dan tot het afkeuren van de integrale benadering, dit is in flagrante tegenstelling met de middenboulevard plan nota’s ook die van de bewoners (maart 2002).
  11. Het advies van de hoorcommissie bestemmingsplannen, behelst een aantal gestelde wijzigingen die geen recht doen aan de raadsopdracht (o.a. integraliteit) april 2007.
  12. Weliswaar niet geregeld in de gemeentewet, en dus toegestaan, zijn een aantal leden van de hoorcommissie belanghebbenden in het gebied.De verordening op de commissie heeft hier niet (zoals wel in vele gemeenten) in voorzien. ( geen direct, indirect, of middellijk belang).Wettelijk Kader.
  13. Het lokaal bestuur moet LEIDING geven bij de ruimtelijke ontwikkelingen van een gebied ten einde een zo voor de GEMEENSCHAP zo gunstig mogelijk geheel te bevorderen (Mem. van toelichting, Nwe Wet Ro blz 1). Het lokaal bestuur is hiertoe niet in staat gebleken m.b.t. het plangebied.
  14. De nota Ruimte (kamerstukken II ’99 ’2000 27-210) benadrukt “het belang van een sterke ruimtelijke visie of ruimtelijk ontwikkelingsbeeld”.Het lokaal bestuur is hiertoe niet in staat gebleken m.b.t. het plangebied.
  15. De betekenis van een ruimtelijk beleidsplan behelst een.
  16. 1) beleidskader voor de vaststellende overheid te geven
  17. Een richtinggevend kader te geven voor bestuurlijk handelen ( Mem.van toelichting, Nwe Wet Ro, blz 10). Het lokaal bestuur heeft deze betekenis niet aan het plangebied kunnen geven.
  18. Het onderwerp van zorg (Best.Pl.Mid.Boul.) kan niet op doelmatige en doeltreffende wijze worden behartigd. Het lokaal bestuur heeft blijk gegeven het algemeen belang niet te kunnen behartigen voor zover het het plangebied betreft.
  19. Het leidend beginsel in de Wro is dat de bevoegdheden de verantwoordelijkheden volgen. Het lokaal bestuur laat na de bevoegdheden te gebruiken om tot een goede ruimtelijke ordening te komen.

Kortom de Wro wordt met voeten getreden; de consequenties kunnen zeer aanzienlijk zijn (Memorie van toelichting blzl 2, 25 en 26).
Verder staat de her-her-her-her-heroverweging en 8 mei genomen besluit haaks op de algemene beginselen van behoorlijk bestuur; met name het “vertrouwensbeginsel en motiveringsbeginsel” wordt evident geschaad (o.a. vertrouwen, zorgvuldigheid, motivering, gelijkheid, fair play, detournement en proportionaliteit). Gegeven de feiten, de voorgeschiedenis, en geest van de wet, is het aannemen van het raadsvoorstel met besluitenkader een stap tot het voldoende aannemelijk maken van “taakverwaarlozing”door het bestuur, waarbij hier gedoeld wordt op amendement 3 d.d. 8 mei 2007.

Nu er, na 8 mei 2007, de facto geen bestemmingsplan aangeboden kan worden dat aan de eisen van een “goede ruimtelijke ordening” voldoet, kan de volgende procedure gevolgd worden:

De bevoegdheden over te dragen aan een hogere overheid, wegens grove en langdurige taakverwaarlozing, inzake de goede ruimtelijke ordening voor zover het het Middenboulevard Plangebied betreft.

De gang van zaken, en genomen besluiten d.d. 8 mei 2007 te kwalificeren als onbehoorlijk bestuur. Memorie van toelichting Wro blz.39 art.4.1 4.2 en verder ( Aanwijzing).

Een beroep doen op, en het instellen van een gemeentelijke coördinatieregeling (Memorie van toelichting Wro blz 60 art. 5.3.1. blz. 115 art.4.4.)

Besluit in het kader van bovengenoemde wet- en regelgeving de provincie Noord-Holland te verzoeken een aanwijzing te formuleren, waarin de bevoegdheden en/of onderdelen daarvan een goede ruimtelijke ordening van het plangebied Middenboulevard Zandvoort bevorderen en tot stand kan doen laten komen.
gbz@gbz.nu
Terug naar de inhoud